zondag 19 april 2015

Geen Toerist #7 : Keuzes maken

OKDoei



Een periode van opschonen. Wat begon met het opruimen van de studio, liep volledig uit de hand. Nadat ik een karrevracht oud papier en andere rommel had weggebracht, besloot ik tot Grote Schoonmaak in het digitale leven. Veel plugins zijn eruit gegooid, wegens verregaande staat van onnodigheid. Hopelijk lukt het me ooit om mijn liedjes met 1 compressor, 1 EQ, 1 galm en 1 delay op te nemen. Dat ik mij voldoende kan beheersen en niet overal maar van alles overheen gooi. Galm is tof, maar galm EN delay is veel toffer. Of: links delay A en rechts delay B. Acht van de tien keer slaat het nergens op als je dat doet, maar die twee keer dat het werkt, werkt het ook ongelooflijk goed.

Studio furnishing
Want mijn studio is een soort van kruising tussen een zolderkamer, een bezemkast en een hoop boekenplanken. Die boekenplanken werken echt heel goed als geluids-diffusor, zo hou ik mezelf voor. De akoestische kwaliteiten van boekenkasten worden schromelijk onderschat, vind ik persoonlijk.

Voor iemand die met regelmatige tussenpozen gearhead genoemd kan worden, heb ik eigenlijk verdomd weinig gear. Het is nogal genant om toe te geven, maar die studio van mij stelt dus niks voor, qua gear en spullen. Een stuk of wat gitaren, niks speciaals, wat budget-versterkers, enkele pedaaltjes die het wonder boven wonder nog steeds doen, wat microfoons die vooral niet vintage of classic zijn, en een handvol plug-ins die gratis danwel gekraakt danwel afgeprijsd zijn. En waarvan ik van het merendeel nog steeds niet precies snap wat al die knopjes doen. Wel durf ik te stellen dat ik van alle studio's in Nederland de meeste boeken in mijn studio heb staan.

Merchandise!
Dat is sowieso de rode draad in mijn studioleven: Niet Precies Weten Wat Je Nou In Godesnaam Aan Het Doen Bent. Daar zou ik T-shirts van moeten maken, want daar ben ik heel erg goed in geworden na al die jaren.

Na het opschonen van de plug-in folder waren de liedjes van "Geen Toerist Meer" aan de beurt. Na een periode van sporen stapelen tot aan het plafond, was het nu de beurt om eens flink op de mute-knop te hameren. Niet alles hoeft de hele tijd te klinken. Dat is iets wat je wel weet en toch vaak vergeet in het heetst van de strijd. Evenwel goed om jezelf daar af en toe aan te herinneren. Minder is inderdaad minder. En dat is goed. De lol zit 'm voor mij in de onverwachte combinaties. Van elke partij heb ik meerdere sporen, verspreid over gitaren en toetsen. Een kwestie van keuzes maken. Harde keuzes.

De arrangementen krijgen langzaam vorm. De backing vocals van Tal zijn - zoals altijd - de kers op de slagroom van de taart. En de pedal steel van Jan moet ook voldoende ruimte krijgen om te schitteren. Veel dood hout weghakken en keuzes maken.

maandag 16 maart 2015

Geen Toerist #6: Weer Zingen

Afgelopen zaterdag een korte en hevige zangsessie gehad. De kersthit leek een inkoppertje te worden, want al goed gedemood en meerder keren van guide vocals voorzien. Effe op de band knallen en doorrrrrr was de bedoeling. Helaas kwam de werkelijkheid tussenbeide.

vroeger zong ik zo (archief AA)
Het duurde enige tijd voor het juiste geluid werd gevonden. Hoe vertaal ik de tekst van het liedje in de klank van mijn zang? En de moeilijkheid bleek ook nog om die sound vast te houden. De aandacht voor detail begon zich te wreken. Elke kleine verbuiging, elke weifeling in timing, werd tegen het licht gehouden. Kortom, veel takes. Veel kleine stukjes, maar ook weer niet te klein want dan breekt de flow en geloofwaardigheid van de melodie. Geschoolde zangers zijn consistent in hun sound, als die eenmaal is gekozen. Bij mij is het meer hit en mis. Op goed geluk pielen en niet teveel nadenken. Maar wel op toon gezongen, met intentie en scherp op timing. Onmogelijke spagaat.

inderdaad, zo zong ik echt altijd (archief AA)
Nadenken en zingen gaat niet tegelijk, ten minste, niet bij mij. Hoe meer ik mijn best ging doen, des te slechter het werd. De simpelste dingen werden nodeloos ingewikkeld. Uiteindelijk, met stug volhouden, kwam het nog op zijn pootjes terecht, hoewel mijn gehoor gesloopt was en alles maar dan alles vals, raar, onoprecht, ongelijk en belachelijk klonk. Studiobaas Antal was niet ontevreden en daar doe je het voor op zo'n dag.

Onderweg naar huis was alles op de radio vals, slecht getimed, raar en stupide. Zelfs Frank Boeijen. En dag later was mijn gehoor weer bijgetrokken en zat ik niet meer vast in een parallel universum waar alle muziek stom was.

Zijn we nog niet eens aan doubletracking en koortjes toe gekomen.

dinsdag 10 maart 2015

Geen Toerist #5: Studio Tips van de Opname Revolutie

  
Omdat we alles achterstevoren en omgedraaid aan het doen zijn bij de opnames voor Geen Toerist Meer, is het tijd voor wat tips qua studiowerk. Persoonlijk heb ik de afgelopen jaren veel gehad aan Graham Cochrane en diens Recording Revolution. Veel goede ideeën, handige tips en nuttige trucs om je opnames meer overtuiging te geven. Altijd praktisch en altijd met een scherpe invalshoek. Bovenstaand filmpje gaat over een mooie theorie, de zogenaamde Heavy Mix Buss Theory. Het komt er op neer dat je zo min mogelijk plug-ins op de individuele sporen zet en in plaats daarvan je master mix bus volstort. Een werkwijze die eenvoud en brute kracht combineert. Gouden tip. Probeer het zelf eens.

Het blijft opmerkelijk hoe het schrijven van een liedje en het opnemen ervan elkaar onvermijdelijk gaat beïnvloeden. Ik heb niet de ambitie om een "echte" producer te zijn, maar ik weet wel als liedjesschrijver het best wat ik met een liedje wil. Mijn visie op mijn muziek gaat altijd boven technische knowhow.

Neve 51 desk in Nimrod Studio
Als het op mixen aankomt, ben ik een ervaren amateur met een gefundeerde mening en intuïtie. Zoek wat rond op de Internets en je struikelt over de recordingblogs. Iedereen wil leren om toffe opnames te maken. Ikzelf ben ook af en toe aan het grasduinen en bevlek mezelf met allerlei tips over compressors, eq's en busroutes. Het meeste blijft niet hangen of blijkt niet praktisch. Het concept van Top Down Mixing is wel doorgedrongen tot de Belker Studio. Een even simpel als effectief idee: Je master fader is je belangrijkste fader, dan komen de mixbussen, de groepen en de send effects, en dan pas komen de individuele sporen. Een pyramide-structuur. Neem tien gitaarpartijen op en voor je het weet ben je alle overzicht kwijt. Maak een aux-groep voor de 10 gitaarsporen en je hebt aan 1 fader genoeg. Door in lagen te denken, behoud je overzicht. Ook hier geldt: probeer het thuis ook eens.

En sowieso is mijn voornemen om de aloude 80%-20% verhouding van opnemen tegenover mixen in ere te herstellen. Mijn liedjes zijn niet al te moeilijk, de opnames zijn niet al te moeilijk, dan moet het mixen ook niet al te moeilijk worden. Althans, dat is voor nu de theorie.

dinsdag 3 maart 2015

Crème Fraîche In Je Liedje

Carole King Chord
Zoals de meeste van jullie wel inmiddels weten, ben ik geen groot fan van "moeilijke akkoorden". Deels omdat ik de muziek die ikzelf tof vind ze niet gebruikt en deels omdat mijn oren al die extra informatie niet aankunnen. Ik houd van de eenvoud en helderheid van de drieklank. 

Je kunt wel degelijk een rijkere harmonie creëren met drieklanken door andere basnoten te gebruiken. Denk aan talloze Tony Banks-momenten in de muziek van Genesis of het befaamde "Carol King-akkoord", oftewel de 4 in de bas: F/Bb. 10CC's I'm Not In Love begint ook op zo'n akkoord (Gm7/C). De combinatie van helderheid en rijkdom is voor mij erg prettig.

Waar ik minder van ben is het majeur 7 akkoord, ook wel bekend als ∆. Ik begrijp dat wanneer je meer van muziektheorie gaat weten en je met vierklanken in de weer gaat, het uitermate verleidelijk is om al die 7-akkoorden toe te passen in je liedjes. En het majeur 7 akkoord glijdt o zo makkelijk je liedje in. Klinkt altijd goed, en dat is nu net het probleem.

smurrie op je eten
Het majeur 7 akkoord is het Akkoord Der Goede Smaak. Het laat horen dat je niet van de straat bent. Dat je sophisticated bent, een goede wijn weet te waarderen en kunt meepraten over de filosofie van Hegel en Kant. Het is ook een akkoord dat bij buitensporig gebruik de gehoorgang blokkeert. Het is namelijk een nogal calorierijke klank. De majeur 7 gaat vaak op een sausje lijken: heel lekker, maakt alles smooth maar je kunt je ook afvragen of het wel overal nodig is. Ik hou heel erg van crème fraîche, maar ik gooi dat niet over al mijn eten. Het past niet in elke combinatie en na verloop van tijd groei in uit mijn broeken als ik dat doe. Teveel crème fraîche maakt je eten nogal weeig. De kruiden delven het onderspit en verdwijnen onder een dikke laag witte smurrie. Met andere woorden: gebruik de majeur 7 met mate. pas hem toe als effect, als toevoeging, en niet als standaarduitbreiding van elke drieklank. 

Volgende keer in de reeks Belker Kookt Met Liedjes: Metaforen zijn net als koriander: ze maken je gerecht fris maar als je er teveel van gebruikt gaat het naar zeepsop smaken. Dat is op zich ook weer een metafoor en zo blijf je aan de gang.



zondag 1 maart 2015

Geen Toerist #4: Serieus Zingen

zonnetje in huis, die gast
Zingen is het makkelijkste en het moeilijkste van een opnameproces. Aan de ene kant is het een kwestie van de woorden enigszins op de juiste toonhoogte uit je bek laten vallen (ziehier mijn visie op het begrip 'zingen'), aan de andere kant is het een kwestie van elk woord, elke wending, elke frase van betekenis en noodzaak te voorzien. En soms moet dat regel voor regel, woord voor woord.
Gisteren was zo'n dag van meticuleus werken. Ik toog met een zonnetje op de voorruit naar het u welbekende Made. Om eens wat serieuze leadzang op te nemen. Want in mijn rommelhok/studio galmt het minder lekker. Plus: iemand die meeluistert terwijl je staat te blèren, is echt een grote aanrader.

Zomotta
Eerst deden we een kleine microfoon-shoot-out (toch eens kijken wat nu de verschillen tussen de microfoons zijn) en de duurste won. Want, natuurlijk, mijn weergaloze stem verdraagt geen Chinees broddelwerk. Allereerst stond Vuurtorenwachter op de rol. Het is mijn vertaling van het fenomenale Wichita Lineman van Jimmy Webb. Waarschijnlijk heb ik de boel een hele toon te laag staan, maar alla deal with it. Jimmy Webb heeft er nogal een handje van om melodieen te schrijven die allerlei noten gebruiken die nou net niet in het akkoord zitten. En dat is af en toe zoeken voor de zangert van dienst. We zijn met de stofkam door de melodie gegaan. Ik wilde graag alles helemaal nailen. Geen ruimte voor twijfel. En daar komt dan de vocal coach/producer bij in beeld. Samen terugluisteren, frase voor frase. Proberen om die melodie vorm te geven. Soms goeie sound en dan geen toon, soms strak op de toon maar een sound van niks. Uiteindelijk heb ik bijna alle regels in z'n geheel gezongen.
Hele. Mooie. Plaat.
Normaal ben ik van de 3 takes en wegwezen, maar dit lied vroeg echt om een nauwgezette aanpak. Mijn favoriete vocal coach Antal en ik besloten deze aanpak ook los te laten op Siddeburen, en verdomd: ook bij mijn eigen liedjes werkt het! Het is gewoon werk. Veel takes doen, terugluisteren en keuzes maken en aan de hand van die keuzes verder takes doen. Blijft wel opmerkelijk dat, ondanks de hoeveelheid takes, de beste momenten bestaan uit redelijk lange regels. Woord-voor-woord-knip-plak werkt stukken minder goed.

woensdag 18 februari 2015

Geen Toerist #3: Traag Stapelen

begin van een liedje
Terwijl andere mensen zich ook druk maken om Geen Toerist Meer (elke keer weer een verrassing dat het leuker is als je niet alles zelf hoeft te doen) en er baspartijen, koortjes, gitaarsoli en pedalsteelpartijen worden ingevlogen uit alle uithoeken van het land, ben ik zelf de aloude methode van 2-stappen-vooruit-en-1-terug aan het beproeven. Tijdens het inzingen van de guidevocals van Ik Maak Nooit Meer Iets Mee bijvoorbeeld kwam ik erachter dat er a) niet genoeg tekst was en b) dat wat ik had voor verbetering vatbaar was.
Een langzaam en langdurig opnameproces, zoals ik dat altijd beleef, is vaak grillig van opbouw. Je legt iets weg, komt er pas weer 2 weken later aan toe en blijkt ineens een andere mening te hebben gevormd. Mijn studioproces is doorgaans een trage opeenstapeling van inzichten. Een schrijver schrijft ook niet een boek in een ruk van eerste tot laatste pagina. Daar komen vele revisies en revisies van de revisies bij kijken. Elke keer neem ik me voor om nu eens snel vanuit de heup te schieten en die liedjes er in een paar weken op te kwakken, maar elke keer haalt de tijd me in. Ik stel zo af en toe een deadline, die doorgaans alleen voor de vorm lijkt.
2 keer 10 snaren is beter
Na het samenwerken met Antal op de vorige plaat Made is voor mij de volgende stap meer mensen te vragen mee te doen. Aan de ene kant heel erg inspirerend en aan de andere kant ook verwarrend. Je geeft iemand de ruimte om iets met je liedje te doen, zal je net zien dat ze er andere ideeën op na houden. Soms gaat je liedje een heel andere kant op. En soms overtreft het je stoutste verwachtingen. Zoals dus Jan van Bijnen, waar ik mee in mijn eerste bandje zat zo'n 30 jaar geleden, muzikale alleskunner die een heerlijk romige pedalsteel serveerde over mijn vertaling van Wichita Lineman. Man, man, daar is waar de magie zit.

Nog even en het samenwerken bevalt me zo goed dat ik voor de volgende plaat met een bandje in de studio zit. In 2 weken erop geknald. Eerst maar eens kijken waar deze omslachtige heen-en-weer methode ons gaat brengen. En ja, het gaat traag. Trager dan ik zou willen en trager dan ik dacht. Altijd trager dan ik dacht. De voordelen van geen deadline hebben.

5 JAAR!

De tijd gaat hard etc. En dergelijke. Er is de afgelopen jaar veel gebeurd en tegelijkertijd ook weer niet zo heel erg veel. Ik heb een aant...