donderdag 29 oktober 2015

7 Dagen 7 Liedjes: The Making Of

Omdat ik met mijn 3ejaars had afgesproken dat we een week lang elke dag een liedje zouden schrijven, onder het mom van je-leert-liedjes-schrijven-door-liedjes-te-schrijven. Het doel was om iedereen een beetje los te schudden en aan het werk te zetten. En ik zette mezelf ook aan het werk want een goed voorbeeld doet goed volgen. Of zoiets. Het was een drukke week, waar ik op sommige dagen pas om 9 uur thuis kwam en nog een liedje moest schrijven. En soms zat ik lekker te werken tot half 2 's nachts en dan was de wekker om half 7 vrij pijnlijk. Maar goed, slaap is iets voor later. Als ik met pensioen ga.

1) Papapapa (opdracht: woordloze hook)
De tekst en melodie van het verse zijn supersnel bedacht, nadat ik de hook van het chorus had bedacht. Een Latin-loopje, synthbas en wat strings-uit-een-doosje. Alles moet snel en er is geen tijd om lang te twijfelen over geluidjes en arrangementen. Eigenlijk is er geen tijd om over iets lang na te denken. Dat is nu net de bedoeling. Het is wellicht slimmer om alleen gitaar of piano op te nemen en te zingen. Minder gedoe. Toch is het nu ook net dat gedoe met geluidjes dat mijn schrijven op een bepaald spoor zet. Onbewust


2) Utrecht Slaap Zacht (opdracht: geografie in de titel)
Wat ik het mooist gelukt vind in de melodie op "slaap zacht" met de harmonische wending eronder. Waarbij ik moet zeggen dat ik een week later niet meer weet welke akkoorden ik eigenlijk speelde. De tekst is me iets te weinig dichterlijk in het verse. Wel weer een sterke hook, al zeg ik het zelf. Liedje schrijven en meteen op de iPad knallen, binnen 80 minuten. Hier zou ik nog wel eens iets van kunnen maken.


3) Morgen Gaat Nooit Meer Voorbij (opdracht: pedaaltoon)
Jammer dat ik niet zo snel koortjes in elkaar kan zetten. Dat is wel de bedoeling van dit liedje. Het double-tracken werkt niet zo goed hier. Wel een lekkere titel, die verder uitgewerkt mag worden in versie 2.0. Normaal zit ik dagen, soms weken, te dubben op een regel tekst. Langzaam denken en wikken en wegen. En nu moest het in een keer uitgepoept worden.

4) Baan Om De Aarde (akkoordenschema van www.autochords.com)
De geest van Jeff Lynne was in mij gevaren, althans zo voelde het. Dit is wel een de liedjes die met wat aandacht en liefde een kneiter van een hit zou kunnen opleveren. De akkoorden waren een gegeven. Ik heb gespeeld met het harmonisch ritme en daar kwam een aardige hook uit. Ging heel snel dit liedje. Geprobeerd een diep thema aan te roeren, naar aanleiding van de film Interstellar en mijn ooit nog te verschijnen nederprog conceptalbum over een astronaut. En sorry voor de gitaar die uit de bocht vliegt, maar ja: demo enzo.





5) Lie To Me (gebruik bestaande tekstregels)
Ik kan dus ook Engels, blijkt. Voelde onwennig en een beetje raar. Ook het zingen in het Engels voelde "doen alsof". De tekstregels uit het chorus komen van Ryan Adams. Bedankt dude. Het gitaardingetje bevalt me wel. Een hybride Blackbird en standaard-Raccoon-tokkel. Met lekkere vribato. Wees niet bang voor een Groot Cliché, zeker niet als je 's avonds laat nog een liedje moet afmaken en je eigenlijk naar bed wil. Want de afwezigheid van slaap begon me inmiddels op te breken. Ik zing ook vrij slaperig, kan ook met het late tijdstip en mijn slapende huisgenoten te maken hebben. Gelukkig kon ik het volgend liedje in de ochtend schrijven.

6) Onder Lakens (vrije opdracht)
Zondag, niet uitslapen en fris van de lever met een bak sterke koffie. Engels zingen en vandaag rappen, ik beheers het allemaal. Lastig dat je bij rap veel woorden en lettergrepen moet gebruiken. Dat was meer werk dan ik had gedacht. Muzikaal gezien ben je dan weer sneller klaar, koppiepeest jeweet. Dat hiphopalbum hou je nog van mij tegoed. De dagen dat je meer tijd hebt blijken vaak toch nog gestess op te leveren, want meer tijd kost ook meer tijd. Liedje schrijven in 1 uur lukt wel, maar als je 3 uur hebt dan doe je er toch 3 uur over.

7) Voor Het Laatst (2 akkoorden in verse; andere akkoorden in het chorus)
De laatste! Stemmig einde, geïnspireerd door Bill Fay. Ben blij met het koortje, ondanks de parallelle kwinten. Kwam snel tot een idee. Wilde iets op piano doen en met mijn techniek wordt het dan al snel een ballad. Het was een wonderlijke week, waarin ik veel geleerd heb over mijn eigen creatieve proces. Ik dacht altijd dat ik heel erg divers was, maar puntje bij paaltje komt en je vanuit je instinct moet reageren en werken, dan is dit wat eruit komt en heeft het inderdaad een grote mate van gelijkmatigheid. Dit is dus wat ik doe.


zondag 21 juni 2015

Geen Toerist Meer #8: Drum Magic



Ja, we zijn nog steeds bezig met Geen Toerist Meer. Algehele chaos en drukte hier op Belker HQ stonden in de weg van een update. Maar dan nu toch! Nicky Hustinx, allround drumheld bij onder andere Eefje de Visser en ooit drummer bij Belker & De Vaste Lasten, was zo genereus om door mijn liedjes heen te drummen. En lo and behold: binnen de kortste keren hing de magie zwaar in de lucht daar in het Verenigingsgebouw Prinses Juliana. Nicky had een drumkit bij elkaar gefrankensteind waar Tom Waits en Michael Blair jaloers op zouden zijn. Hele fijne sound met bakken karakter. Als daar dan ook nog een drummer van het kaliber van Nicky op los gaat, dan kan het niet meer mislukken.

Roos als roadie
Voor de opnames begonnen was er eerst koffie en taart, want je moet het zelf een beetje leuk maken, zo'n opnamedag. Dochter Roos was mee om de kneepjes van het roadie-vak te leren en was onder de indruk van de pittoreske locatie van de studio/repetitieruimte/drumhok/vereenigings- gebouw. We namen op volgens het Glyn Johns-principe: 2 overheads die de basis van het geluid vormen, 1 kick en 1 snare mic voor wat extra oempf. Nicky kon nu mooi zijn nieuwe overheads uitproberen. Er wordt op opnameblogs vaak een hoop poeha gemaakt rondom de exacte afstand van beide microfoons, want fase. Sommige technici spenderen een middag aan het neerzetten van de microfoons. Wij niet, neerzetten, op het oog kijken of de afstand een beetje hetzelfde is, signaal checken en take 1. De drummer speelde een take door, we praatten wat over richting en spanningsboog, nog een take, wat discussie over fills, en na de 3e take staat het erop. Redelijk indrukwekkend.

Glyn Johns zegt: nooit opmeten!
Het viel me die middag al op, door de levenskracht (bij gebrek aan een beter woord) die Nicky met zijn drums in de liedjes brengt, word ik gedwongen de liedjes nog krachtiger te maken. Met andere woorden: ik zal scherpe(re) keuzes moeten maken zodat de andere partijen niet ondersneeuwen onder het drumgeweld. En als ik 'drumgeweld' zeg, bedoel ik sound, timing en menselijkheid van een goede drummer. Ik moet nu zorgen dat het klinkt alsof we samen spelen. Misschien moeten een paar partijen opnieuw gespeeld worden, tegen de drums aan gezet worden. Waarschijnlijker moet ik een paar partijen belangrijker maken dan anderen. Keuzes maken, knopen doorhakken, dat werk. In ieder geval niet 2 maanden mixen.

We houden allebei van een wankele timing en elkaar vinden als je samen speelt is een ding. Diezelfde avontuurlijke timing laten werken over verschillende sporen is weer een heel ander ding. Voor je het weet speel je moderne jazz. En dat kan toch niet de bedoeling zijn.

zondag 19 april 2015

Geen Toerist #7 : Keuzes maken

OKDoei



Een periode van opschonen. Wat begon met het opruimen van de studio, liep volledig uit de hand. Nadat ik een karrevracht oud papier en andere rommel had weggebracht, besloot ik tot Grote Schoonmaak in het digitale leven. Veel plugins zijn eruit gegooid, wegens verregaande staat van onnodigheid. Hopelijk lukt het me ooit om mijn liedjes met 1 compressor, 1 EQ, 1 galm en 1 delay op te nemen. Dat ik mij voldoende kan beheersen en niet overal maar van alles overheen gooi. Galm is tof, maar galm EN delay is veel toffer. Of: links delay A en rechts delay B. Acht van de tien keer slaat het nergens op als je dat doet, maar die twee keer dat het werkt, werkt het ook ongelooflijk goed.

Studio furnishing
Want mijn studio is een soort van kruising tussen een zolderkamer, een bezemkast en een hoop boekenplanken. Die boekenplanken werken echt heel goed als geluids-diffusor, zo hou ik mezelf voor. De akoestische kwaliteiten van boekenkasten worden schromelijk onderschat, vind ik persoonlijk.

Voor iemand die met regelmatige tussenpozen gearhead genoemd kan worden, heb ik eigenlijk verdomd weinig gear. Het is nogal genant om toe te geven, maar die studio van mij stelt dus niks voor, qua gear en spullen. Een stuk of wat gitaren, niks speciaals, wat budget-versterkers, enkele pedaaltjes die het wonder boven wonder nog steeds doen, wat microfoons die vooral niet vintage of classic zijn, en een handvol plug-ins die gratis danwel gekraakt danwel afgeprijsd zijn. En waarvan ik van het merendeel nog steeds niet precies snap wat al die knopjes doen. Wel durf ik te stellen dat ik van alle studio's in Nederland de meeste boeken in mijn studio heb staan.

Merchandise!
Dat is sowieso de rode draad in mijn studioleven: Niet Precies Weten Wat Je Nou In Godesnaam Aan Het Doen Bent. Daar zou ik T-shirts van moeten maken, want daar ben ik heel erg goed in geworden na al die jaren.

Na het opschonen van de plug-in folder waren de liedjes van "Geen Toerist Meer" aan de beurt. Na een periode van sporen stapelen tot aan het plafond, was het nu de beurt om eens flink op de mute-knop te hameren. Niet alles hoeft de hele tijd te klinken. Dat is iets wat je wel weet en toch vaak vergeet in het heetst van de strijd. Evenwel goed om jezelf daar af en toe aan te herinneren. Minder is inderdaad minder. En dat is goed. De lol zit 'm voor mij in de onverwachte combinaties. Van elke partij heb ik meerdere sporen, verspreid over gitaren en toetsen. Een kwestie van keuzes maken. Harde keuzes.

De arrangementen krijgen langzaam vorm. De backing vocals van Tal zijn - zoals altijd - de kers op de slagroom van de taart. En de pedal steel van Jan moet ook voldoende ruimte krijgen om te schitteren. Veel dood hout weghakken en keuzes maken.

maandag 16 maart 2015

Geen Toerist #6: Weer Zingen

Afgelopen zaterdag een korte en hevige zangsessie gehad. De kersthit leek een inkoppertje te worden, want al goed gedemood en meerder keren van guide vocals voorzien. Effe op de band knallen en doorrrrrr was de bedoeling. Helaas kwam de werkelijkheid tussenbeide.

vroeger zong ik zo (archief AA)
Het duurde enige tijd voor het juiste geluid werd gevonden. Hoe vertaal ik de tekst van het liedje in de klank van mijn zang? En de moeilijkheid bleek ook nog om die sound vast te houden. De aandacht voor detail begon zich te wreken. Elke kleine verbuiging, elke weifeling in timing, werd tegen het licht gehouden. Kortom, veel takes. Veel kleine stukjes, maar ook weer niet te klein want dan breekt de flow en geloofwaardigheid van de melodie. Geschoolde zangers zijn consistent in hun sound, als die eenmaal is gekozen. Bij mij is het meer hit en mis. Op goed geluk pielen en niet teveel nadenken. Maar wel op toon gezongen, met intentie en scherp op timing. Onmogelijke spagaat.

inderdaad, zo zong ik echt altijd (archief AA)
Nadenken en zingen gaat niet tegelijk, ten minste, niet bij mij. Hoe meer ik mijn best ging doen, des te slechter het werd. De simpelste dingen werden nodeloos ingewikkeld. Uiteindelijk, met stug volhouden, kwam het nog op zijn pootjes terecht, hoewel mijn gehoor gesloopt was en alles maar dan alles vals, raar, onoprecht, ongelijk en belachelijk klonk. Studiobaas Antal was niet ontevreden en daar doe je het voor op zo'n dag.

Onderweg naar huis was alles op de radio vals, slecht getimed, raar en stupide. Zelfs Frank Boeijen. En dag later was mijn gehoor weer bijgetrokken en zat ik niet meer vast in een parallel universum waar alle muziek stom was.

Zijn we nog niet eens aan doubletracking en koortjes toe gekomen.

dinsdag 10 maart 2015

Geen Toerist #5: Studio Tips van de Opname Revolutie

  
Omdat we alles achterstevoren en omgedraaid aan het doen zijn bij de opnames voor Geen Toerist Meer, is het tijd voor wat tips qua studiowerk. Persoonlijk heb ik de afgelopen jaren veel gehad aan Graham Cochrane en diens Recording Revolution. Veel goede ideeën, handige tips en nuttige trucs om je opnames meer overtuiging te geven. Altijd praktisch en altijd met een scherpe invalshoek. Bovenstaand filmpje gaat over een mooie theorie, de zogenaamde Heavy Mix Buss Theory. Het komt er op neer dat je zo min mogelijk plug-ins op de individuele sporen zet en in plaats daarvan je master mix bus volstort. Een werkwijze die eenvoud en brute kracht combineert. Gouden tip. Probeer het zelf eens.

Het blijft opmerkelijk hoe het schrijven van een liedje en het opnemen ervan elkaar onvermijdelijk gaat beïnvloeden. Ik heb niet de ambitie om een "echte" producer te zijn, maar ik weet wel als liedjesschrijver het best wat ik met een liedje wil. Mijn visie op mijn muziek gaat altijd boven technische knowhow.

Neve 51 desk in Nimrod Studio
Als het op mixen aankomt, ben ik een ervaren amateur met een gefundeerde mening en intuïtie. Zoek wat rond op de Internets en je struikelt over de recordingblogs. Iedereen wil leren om toffe opnames te maken. Ikzelf ben ook af en toe aan het grasduinen en bevlek mezelf met allerlei tips over compressors, eq's en busroutes. Het meeste blijft niet hangen of blijkt niet praktisch. Het concept van Top Down Mixing is wel doorgedrongen tot de Belker Studio. Een even simpel als effectief idee: Je master fader is je belangrijkste fader, dan komen de mixbussen, de groepen en de send effects, en dan pas komen de individuele sporen. Een pyramide-structuur. Neem tien gitaarpartijen op en voor je het weet ben je alle overzicht kwijt. Maak een aux-groep voor de 10 gitaarsporen en je hebt aan 1 fader genoeg. Door in lagen te denken, behoud je overzicht. Ook hier geldt: probeer het thuis ook eens.

En sowieso is mijn voornemen om de aloude 80%-20% verhouding van opnemen tegenover mixen in ere te herstellen. Mijn liedjes zijn niet al te moeilijk, de opnames zijn niet al te moeilijk, dan moet het mixen ook niet al te moeilijk worden. Althans, dat is voor nu de theorie.

dinsdag 3 maart 2015

Crème Fraîche In Je Liedje

Carole King Chord
Zoals de meeste van jullie wel inmiddels weten, ben ik geen groot fan van "moeilijke akkoorden". Deels omdat ik de muziek die ikzelf tof vind ze niet gebruikt en deels omdat mijn oren al die extra informatie niet aankunnen. Ik houd van de eenvoud en helderheid van de drieklank. 

Je kunt wel degelijk een rijkere harmonie creëren met drieklanken door andere basnoten te gebruiken. Denk aan talloze Tony Banks-momenten in de muziek van Genesis of het befaamde "Carol King-akkoord", oftewel de 4 in de bas: F/Bb. 10CC's I'm Not In Love begint ook op zo'n akkoord (Gm7/C). De combinatie van helderheid en rijkdom is voor mij erg prettig.

Waar ik minder van ben is het majeur 7 akkoord, ook wel bekend als ∆. Ik begrijp dat wanneer je meer van muziektheorie gaat weten en je met vierklanken in de weer gaat, het uitermate verleidelijk is om al die 7-akkoorden toe te passen in je liedjes. En het majeur 7 akkoord glijdt o zo makkelijk je liedje in. Klinkt altijd goed, en dat is nu net het probleem.

smurrie op je eten
Het majeur 7 akkoord is het Akkoord Der Goede Smaak. Het laat horen dat je niet van de straat bent. Dat je sophisticated bent, een goede wijn weet te waarderen en kunt meepraten over de filosofie van Hegel en Kant. Het is ook een akkoord dat bij buitensporig gebruik de gehoorgang blokkeert. Het is namelijk een nogal calorierijke klank. De majeur 7 gaat vaak op een sausje lijken: heel lekker, maakt alles smooth maar je kunt je ook afvragen of het wel overal nodig is. Ik hou heel erg van crème fraîche, maar ik gooi dat niet over al mijn eten. Het past niet in elke combinatie en na verloop van tijd groei in uit mijn broeken als ik dat doe. Teveel crème fraîche maakt je eten nogal weeig. De kruiden delven het onderspit en verdwijnen onder een dikke laag witte smurrie. Met andere woorden: gebruik de majeur 7 met mate. pas hem toe als effect, als toevoeging, en niet als standaarduitbreiding van elke drieklank. 

Volgende keer in de reeks Belker Kookt Met Liedjes: Metaforen zijn net als koriander: ze maken je gerecht fris maar als je er teveel van gebruikt gaat het naar zeepsop smaken. Dat is op zich ook weer een metafoor en zo blijf je aan de gang.



zondag 1 maart 2015

Geen Toerist #4: Serieus Zingen

zonnetje in huis, die gast
Zingen is het makkelijkste en het moeilijkste van een opnameproces. Aan de ene kant is het een kwestie van de woorden enigszins op de juiste toonhoogte uit je bek laten vallen (ziehier mijn visie op het begrip 'zingen'), aan de andere kant is het een kwestie van elk woord, elke wending, elke frase van betekenis en noodzaak te voorzien. En soms moet dat regel voor regel, woord voor woord.
Gisteren was zo'n dag van meticuleus werken. Ik toog met een zonnetje op de voorruit naar het u welbekende Made. Om eens wat serieuze leadzang op te nemen. Want in mijn rommelhok/studio galmt het minder lekker. Plus: iemand die meeluistert terwijl je staat te blèren, is echt een grote aanrader.

Zomotta
Eerst deden we een kleine microfoon-shoot-out (toch eens kijken wat nu de verschillen tussen de microfoons zijn) en de duurste won. Want, natuurlijk, mijn weergaloze stem verdraagt geen Chinees broddelwerk. Allereerst stond Vuurtorenwachter op de rol. Het is mijn vertaling van het fenomenale Wichita Lineman van Jimmy Webb. Waarschijnlijk heb ik de boel een hele toon te laag staan, maar alla deal with it. Jimmy Webb heeft er nogal een handje van om melodieen te schrijven die allerlei noten gebruiken die nou net niet in het akkoord zitten. En dat is af en toe zoeken voor de zangert van dienst. We zijn met de stofkam door de melodie gegaan. Ik wilde graag alles helemaal nailen. Geen ruimte voor twijfel. En daar komt dan de vocal coach/producer bij in beeld. Samen terugluisteren, frase voor frase. Proberen om die melodie vorm te geven. Soms goeie sound en dan geen toon, soms strak op de toon maar een sound van niks. Uiteindelijk heb ik bijna alle regels in z'n geheel gezongen.
Hele. Mooie. Plaat.
Normaal ben ik van de 3 takes en wegwezen, maar dit lied vroeg echt om een nauwgezette aanpak. Mijn favoriete vocal coach Antal en ik besloten deze aanpak ook los te laten op Siddeburen, en verdomd: ook bij mijn eigen liedjes werkt het! Het is gewoon werk. Veel takes doen, terugluisteren en keuzes maken en aan de hand van die keuzes verder takes doen. Blijft wel opmerkelijk dat, ondanks de hoeveelheid takes, de beste momenten bestaan uit redelijk lange regels. Woord-voor-woord-knip-plak werkt stukken minder goed.

woensdag 18 februari 2015

Geen Toerist #3: Traag Stapelen

begin van een liedje
Terwijl andere mensen zich ook druk maken om Geen Toerist Meer (elke keer weer een verrassing dat het leuker is als je niet alles zelf hoeft te doen) en er baspartijen, koortjes, gitaarsoli en pedalsteelpartijen worden ingevlogen uit alle uithoeken van het land, ben ik zelf de aloude methode van 2-stappen-vooruit-en-1-terug aan het beproeven. Tijdens het inzingen van de guidevocals van Ik Maak Nooit Meer Iets Mee bijvoorbeeld kwam ik erachter dat er a) niet genoeg tekst was en b) dat wat ik had voor verbetering vatbaar was.
Een langzaam en langdurig opnameproces, zoals ik dat altijd beleef, is vaak grillig van opbouw. Je legt iets weg, komt er pas weer 2 weken later aan toe en blijkt ineens een andere mening te hebben gevormd. Mijn studioproces is doorgaans een trage opeenstapeling van inzichten. Een schrijver schrijft ook niet een boek in een ruk van eerste tot laatste pagina. Daar komen vele revisies en revisies van de revisies bij kijken. Elke keer neem ik me voor om nu eens snel vanuit de heup te schieten en die liedjes er in een paar weken op te kwakken, maar elke keer haalt de tijd me in. Ik stel zo af en toe een deadline, die doorgaans alleen voor de vorm lijkt.
2 keer 10 snaren is beter
Na het samenwerken met Antal op de vorige plaat Made is voor mij de volgende stap meer mensen te vragen mee te doen. Aan de ene kant heel erg inspirerend en aan de andere kant ook verwarrend. Je geeft iemand de ruimte om iets met je liedje te doen, zal je net zien dat ze er andere ideeën op na houden. Soms gaat je liedje een heel andere kant op. En soms overtreft het je stoutste verwachtingen. Zoals dus Jan van Bijnen, waar ik mee in mijn eerste bandje zat zo'n 30 jaar geleden, muzikale alleskunner die een heerlijk romige pedalsteel serveerde over mijn vertaling van Wichita Lineman. Man, man, daar is waar de magie zit.

Nog even en het samenwerken bevalt me zo goed dat ik voor de volgende plaat met een bandje in de studio zit. In 2 weken erop geknald. Eerst maar eens kijken waar deze omslachtige heen-en-weer methode ons gaat brengen. En ja, het gaat traag. Trager dan ik zou willen en trager dan ik dacht. Altijd trager dan ik dacht. De voordelen van geen deadline hebben.

donderdag 29 januari 2015

Op En Rennend

gratis saturatie = fijn
Het lijkt erop dat mijn plakband-en-vliegertouw-studiootje weer naar behoren draait. Ik heb een groot deel van mijn plugins moeten herinstalleren maar dat gaf me mooi de gelegenheid om een hoop zooi weg te gooien. Plugins, freeware, gekraakt of zelfs gekocht, die alleen maar schijfruimte innamen en nooit werden gebruikt zijn verdwenen. Het is er overzichtelijker van geworden. Je hoort wel eens van studiogasten die al hun platen met 1 compressor, EQ, galm, preamp maken. Ik zou graag zo'n gast zijn. Zo'n gast ben ik nog niet. Zelfs na jaren muziek opnemen op de computer (eerst in Cubase en nu al weer 5 jaar in Logic) en eindeloos plug-innetjes checken (een man moet toch een hobby hebben) is minder nog steeds niet meer.
Hoewel ik met het klimmen der jaren wel degelijk efficienter met mijn tijd lijk om te gaan, val ik zo nu en dan nog steeds in de val van een nieuwe plug-in "testen". Ik noem het testen maar het komt er op neer dat ik de halve avond besteedt aan het klikken van alle functies en opties en wat al niet. Inspiratie verlaat doorgaans gillend het pand op dat soort avonden. 
Tony Banks omstreeks Abacab
Ik ben niet zo'n purist die zegt dat alleen analoge gear het tofst is. Met mijn muziek maakt het niet zoveel uit waar het lawaai uitkomt. En of het nu analoog of digitaal is, je wilt altijd wat je niet hebt. Ik heb een Juno 160, maar ik wil eigenlijk een Juno 60. Ik heb een Fender Rhodes Mark II, maar om mee te tellen moet je eigenlijk een Wurlitzer hebben. Het ziet er naar uit dat ik al die jaren net de verkeerde spullen heb verzameld, net niet de coole shit. Ik heb mezelf opgescheept met de lullige nerd-shit. Daar ligt dus dat chronisch gebrek aan wereldhits aan.

Mijn laatste aanwinst is de Prophet V van Arturia, gemodelleerd naar de Prophet 5 van Sequential Circuits. Mocht u zich afvragen waar al die jaren '80 pads opeens vandaan komen. Ik ben altijd een groot fan van Genesis-toetsenist Tony Banks geweest. Ook zo'n man die met de net-niet-coole apparaten wist te omringen.

dinsdag 13 januari 2015

Hoe Moeilijk Kan Het Zijn

Ik was lekker bezig de afgelopen tijd. De arrangementen en opnames van de liedjes kregen langzaam volgens het 2-stappen-vooruit-1-stap-terug procede. Maar naarmate er meer sporen gebruikt werden, namen de vage technische problemen ook toe. Logic 9 werd traag als dikke poep. Maar ook met maar twee sporen werd er flink gehaperd. Ik heb zelden zoveel strandballen voorbij zien komen. Wat een doffe ellende. Weg momentum. En zo bleek dus na wat speurwerk dat OSX Yosemite niks lust van Logic 9. Lekker professioneel ook. En tot zover de pijnloze upgrades van Apple.

Afijn.

Downgraden met die hap. Helaas werkte Time Machine niet van Yosemite naar Mavericks en daarom met de hand de rommel overgezet. Ik geloof dat de boel weer een beetje op gang komt. Ook wel weer goed ergens, want een hoop overbodige plugins zijn bij het grofvuil gezet. Afgezien van deze ellende (waar ik jullie graag mee lastig val) loopt de EP op rolletjes. Er is inmiddels een soort van tracklist, die wellicht weer gaat veranderen. En ik heb een goed plan om eens fatsoenlijk analoge tape te gaan gebruiken. Met dank aan een mannetje dat ik in Vleuten heb opgesnord. Waarover later meer.

zondag 4 januari 2015

Een Nieuw Geluid

album art? Tjek!
Het nieuwe jaar is al weer een dag of wat onderweg en een van de goede voornemens die hoe dan ook gebroken gaat worden, is het nieuwe leven inblazen in het weblog. Want er wordt hard gewerkt aan de opvolger van "Made". De liedjes zijn geschreven en worden stukje bij beetje opgenomen op zolder. Hier en daar komt iemand langs met een muzikale bijdrage aan de feestvreugde. De plannen reiken vooralsnog niet verder dan de mooiste liedjes van dit moment zo fijn mogelijk opnemen. Ik ben blij met wat het gaat worden en krijg zo langzamerhand een idee van waar het naar toe moet met die liedjes van Belker. Het is in ieder geval fijn te merken dat het ergens naar toe gaat. Ik noem het geen vooruitgang, want Om David Byrne aan te halen: 
“Presuming that there is such a thing as ‘progress’ when it comes to music is typical of the high self-regard of those who live in the present.
It is a myth. Creativity doesn’t ‘improve'.”

Ik probeer een combinatie te vinden van dingen die in het verleden goed werkten en de noodzaak mijzelf niet te gaan herhalen. Delicate balans.  Het zal deze keer een EP met 6 liedjes worden, met natuurlijk een instrumentale inleiding en een vertaling van een bonafide klassieker. Dat werkte de vorige keer ook wel lekker. Voorts probeer ik heul hard de boel niet te 'overdenken'. Openstaan voor het toeval en niet precies weten waar je naar toe gaat. Een beetje gericht aanklooien dus. En soms ongericht. Ik heb 

deze is nog wel echt kuntrie
De opvolger van "Geen Toerist Meer" (je moet dat soort dingen altijd ruim vantevoren plannen) zal wat meer richting harde gitaren gaan. Denk ik. Minder kuntrie en meer Big Star. Powerpop, als u dat wat zegt. Maar eerst maar eens deze modderfakker de wereld in! Hou het weblog in de gaten voor meer sterke verhalen en updates.